Geldt de hypotheekakte altijd als executoriale titel ?

(English translation follows after the Dutch text)

Voor het vakblad De Hypotheekadviseurs van Kluwer heb ik de volgende column geschreven.

Deze vraag kwam bij mij op toen ik las over een rechtzaak inUtrecht.

Het ging in die zaak om de Rabobank en particulieren die een restant-schuld hebben na verkoop van hun woning. De Rabobank is van mening dat ook na verkoop van de woning en royement van de hypotheekakte bij het Kadaster, de akte nog steeds juridisch geschikt is om zich bij voorrang te kunnen verhalen op overig vermogen van de debiteur.

De Rabobank verstrekt al jaren hypothecaire leningen op de volgende wijze. De klant tekent de offerte. Vervolgens stelt de notaris een hypotheekakte op waarin staat dat de akte zekerheid geeft voor alle schulden die de debiteur aangaat of nog zal aangaan met de bank. In de akte wordt ook het onderpand vermeld.

Zoals je weet geeft de hypothecaire zekerheid de Rabobank het recht om de woning in het openbaar te verkopen en de mogelijkheid om zich bij voorrang te laten uitbetalen uit de verkoopopbrengst. Bovendien hoeft de Rabobank bij wanbetaling niet eerst naar de rechter om verlof te krijgen tot openbare verkoop. De notariële (hypotheek)akte is de executoriale titel.

Echter voordat de klant bij de notaris de hypotheekakte ondertekende, moest de debiteur bij de Rabobank de leningsovereenkomst tekenen. Dus de lening bestond al op het moment van ondertekening van de hypotheekakte.

Sinds een tijd is het zelfs zo dat de offerte al de geldlening is bij de Rabobank. Dus deze leningsovereenkomst wordt dan niet eens meer op dezelfde dag (voorafgaand) aan de hypotheekakte getekend, maar kan al een paar weken oud zijn.

Belangrijk detail is dat nergens in de hypotheekakte specifiek wordt verwezen naar de leningsovereenkomst die de debiteur met de bank is aangegaan.

Nu zijn er situaties (40 tot 60 gevallen in 2011 en circa 100 in 2012 volgens de bank) waarbij na verkoop van de woning de schuld niet volledig is afbetaald. De Rabobank claimt dat op grond van de hypotheekakte de deurwaarder voor die restant-schuld (alsnog) executoriaal beslag kan leggen op andere goederen van de schuldenaar.

De beroepsorganisatie van deurwaarders in Nederland is het daar nadrukkelijk niet mee eens. Hun argument is dat in de akte alleen in algemene termen wordt verwezen naar de schulden waarvoor het hypotheekrecht is gevestigd.

De rechtbank heeft nu aan de Hoge Raad een zogeheten pre-judiciële vraag gesteld of de hypotheekakte voldoende recht aan de Rabobank geeft om tot uitwinning over te gaan als de geldlening ten tijde van het tekenen van de hypotheekakte al bestond.

Totdat de Hoge Raad geantwoord heeft, weten we dus niets zeker. Maar juridisch is het een belangrijk punt. Mocht jij cliënten hebben die in een vergelijkbare situatie verkeren, dan wordt het ook voor jou een praktisch punt. Ik zou je aanraden jouw klanten te wijzen op de rechtszaak in Utrecht.

 

 Nb: Een hyperlink naar de uitspraak is te vinden op www.ntrs.nl

=======================================================
English translation provided by Google Translate:

For the journal Mortgage Consultants Kluwer I have the following column written.

This question came to me when I read about a lawsuit inUtrecht.

The issue in that case for the Rabobank and individuals who have a residual debt after selling their home. Rabobank believes that even after the sale of the property and cancellation of the mortgage at the Land Registry, the document still legally suitable for concentrating its resources to recover other assets of the debtor.

Rabobank provided for years mortgage loans in the following manner. The customer signs the tender. Next, the notary on a mortgage which states that the Act gives security for all debts that the debtor enters into or to be entered into with the bank. The deed also mentioned the collateral.

As you know, the mortgage Rabobank the right to property in the public sale and the opportunity to give priority to withdraw from the sale proceeds. Moreover the Rabobank in default not first go to court to get permission for public sale. The notary (mortgage) deed is enforceable.

However, before the customer at the notary signed the mortgage, the debtor had at Rabobank signs the loan agreement. So the loan existed at the time of signing the mortgage.

For a time, it is even so that the offer though the loan is at Rabobank. So this loan agreement is not even on the same day (before) the mortgage deed signed, but a few weeks old.

An important detail is that nowhere in the mortgage deed specifically refers to the loan agreement that the debtor has entered into with the bank.

Now there are situations (40 to 60 cases in 2011 and approximately 100 in 2012, according to the bank) where after the sale of the property the debt is not fully repaid. Rabobank claims under the mortgage deed the bailiff for those remaining debt (still) enforceable seize other assets of the debtor.

The professional organization of bailiffs in the Netherlands it is emphatically disagree. Their argument is that the instrument only in general terms refers to the debt for which the mortgage is established.

The court has now the Supreme Court called a pre-judicial question whether the mortgage sufficient justice to the Rabobank provides to sell the collateral to go if the loan at the time of signing the mortgage existed.

Until the Supreme Court replied, we know nothing certain. But legally it is an important point. If you have clients that are in a similar situation, then it is also for you a practical point. I would suggest your clients to point to the court in Utrecht.

 

 Note: A hyperlink to the judgment can be found on www.ntrs.nl

De harmonie heeft nieuwe uniformen en instrumenten nodig. Wat nu ?

(English translation follows after the Dutch text)

Deze vraag moet geregeld beantwoord worden door de besturen van muziekgezelschappen. Maar het antwoord is voor meer clubs die geld nodig hebben van belang.

Meestal wordt bij de fondsenwerving een beroep gedaan op particuliere donateurs. Vaak denken de fondsenwervers dat de particulieren zich makkelijker tot betaling van grotere bedragen laten overhalen als er een fiscaal voordeel is.

In dat kader wil ik graag wijzen op artikel 6:32 en volgende van de Wet op de inkomstenbelasting (IB). Dit keer ga ik echter niet in op de peridodieke schenkingen als bedoeld in artikel 6:34 IB, maar juist op de éénmalige en toch aftrekbare giften.

Volgens artikel 6:31 lid 1 sub b zijn namelijk ook aftrekbaar van de inkomstenbelasting de “andere giften”. In artikel 6:35 IB wordt dan vermeld dat deze “andere giften” ook giften aan steunstichtingen SBBI zijn.

SBBI staat voor: sociaal belang behartigende instelling (SBBI). De belastingdienst geeft als voorbeelden van SBBI’s: zangkoren en dansgroepen, muziek- en harmonieverenigingen, sportclubs, speeltuinen, personeelsverenigingen, ouderenverenigingen, lokale scoutingclubs, amateurtoneelverenigingen en -theatergroepen.

Voor de duidelijkheid: een gift aan de SBBI zelf is niet aftrekbaar. Een gift aan de steunstichting mogelijk wel.

Er is een Uitvoeringsregeling waarin de eisen zijn vermeld waaraan de steunstichting moet voldoen, wil de éénmalige gift aftrekbaar zijn. Met name hetgeen in artikel 1f van deze Uitvoeringsregeling is vermeld kan problemen opleveren voor goed bedoelende vrijwilligers die geld inzamelen voor de Harmonie.

Met name is van belang dat slechts één keer per vijf jaar de steunstichting als Steunstichting SBBI kan worden aangemerkt. Bovendien dient er sprake te zijn van een “viering” in dat jaar. Eigenlijk wordt daarmee bedoeld dat voor een Lustrum geld ingezameld kan worden waarbij de belastingdienst een en ander fiscaal aantrekkelijk maakt.

Dat dit geen loze eis is, blijkt uit lid 2 van artikel 1f van het Uitvoeringsreglement waarin staat dat bij de inzamelingsactie duidelijk aangegeven moet worden voor welk “Lustrum”-jaar de inzameling bedoeld is. Het niet duidelijk naar voren brengen van dat jaar betekent dat de giften niet aftrekbaar zijn van de inkomstenbelasting.

Gelukkig is in de regeling wel opgenomen dat de steunstichting kan kiezen uit:
=     het Lustrum jaar zelf; of
=     het jaar voorafgaand aan het Lustrum jaar; of
=     het jaar na het Lustrum jaar.

Dus de fondsenwerving kan plaatsvinden voordat het speciale jaar zich aandient, zodat er geld in kas is. Of in het jaar na de viering (om de kas weer aan te vullen nadat alle betalingen zijn geweest), dan wel in het Lustrum jaar zelf. De keuze is aan het bestuur van de steunstichting.

Wat betekent dit nu voor de Harmonie waar vrijwilligers zich willen inzetten om geld in te zamelen voor nieuwe uniformen of instrumenten ? Ik ga er daarbij van uit dat zij de aftrekbaarheid van giften willen gebruiken om meer donateurs te vinden of deze hogere bedragen te laten schenken.

Allereerst moet er een stichting worden opgericht waarvan de statuten voldoen aan de vereisten van het Uitvoeringsreglement. Vervolgens moet gezocht worden naar een “Lustrum”. En alleen in dat jaar (of ter keuze van het bestuur het jaar ervoor of het jaar erna) kan de donateur zijn schenking in mindering brengen op het verzamelinkomen.

Een fondsenwervingsactie voor nieuwe instrumenten of uniformen omdat deze versleten zijn, past niet in dat kader. Ook de wens om mooiere uniformen of betere instrumenten te kopen omdat de Harmonie naar een hogere klasse is gepromoveerd, wordt door de fiscus als onacceptabel gezien. Maar waarschijnlijk zal er in de rijke historie van de Harmonie vast wel een moment zijn geweest waarvan dit jaar (of volgend jaar) een lustrum kan worden gevierd waarvoor fondsen nodig zijn.

DIT ARTIKEL IS EERDER VERSCHENEN IN DE ANBI-WIJZER

Harmonie St Caecilia uit Eijsden geeft openbaar concert op het Vrijthof in Maastricht

=====================================================
English translation provided by Google Translate:

This question must be answered regulated by the boards of musical groups. But the answer is more clubs who need money are important.

Usually, the fundraising appealed to private donors. Often think the fundraisers that individuals are easier to pay larger amounts persuaded if there is a tax advantage.

In that context, I would like to refer to Rule 6:32 and following of the Law on Income Tax (IT). This time I’m not in the peridodieke donations referred to in Article 6:34 IB, but on the off yet deductible donations.

Article 6:31 paragraph 1 b are in fact also deductible from income tax the “other gifts”. Article 6:35 IB is then stated that these “other gifts” also donations to support his foundations SBBI.

SBBI stands for: social importance Meditate funding institution (SBBI). The IRS gives as examples of SBBI’s: choirs and dance groups, music and harmony associations, sports clubs, playgrounds, staff associations, elderly associations, local scouting clubs, associations and amateur theater groups.

For clarity, a gift to the SBBI itself is not deductible. A gift to the Foundation may support it.

There is an Implementation which the requirements with which the support foundation must meet to the deductible donation. In particular, the provisions of Article 1f of this Implementation mentioned could pose problems for well-meaning volunteers who raise money for the Harmony.

It is particularly important that only once every five years the support foundation as Steunstichting SBBI can be considered. Moreover, there should be a “celebration” in that year. Actually you have to understand that for a Lustrum money can be collected with the tax authorities and other fiscally attractive.

That this is no idle claim is evident from paragraph 2 of Article 1f of the Implementing Regulations which states that the fundraising should be clearly indicated for which “jubilee” year’s collection is intended. It is not clear the market of the year means that the donations are not deductible from income.

Fortunately, in the scheme are included that support foundation can choose from:
= The Jubilee year itself, or
= The year prior to the Jubilee year, or
= The year of the Jubilee year.

So the fundraising can take place before the special year presents itself, so there is money in cash. Or in the year after the celebration (the cash to replenish after all payments have been), or in the Jubilee year itself. The choice is up to the board of the foundation support.

What does this mean for the Harmony where volunteers are committed to raise money for new uniforms or instruments? I assume that they be of the deductibility of donations will be used to recruit more donors find or such higher amount to donate.

The first is a foundation be established whose articles fulfill the requirements of the Implementing Regulations. Next, search for a “Jubilee”. And only in that year (or at the discretion of the Board the previous year or the year after) the donor are donation deduct the aggregate income.

A fundraising campaign for new instruments or uniforms because they are worn, does not fit into this framework. The desire to better uniforms or better tools to buy, because the harmony is promoted to a higher class, is seen as unacceptable by the tax authorities. But probably will in the rich history of the Harmony surely have been a time where this year (or next year) an anniversary can be celebrated for which funds are needed.

THIS ARTICLE HAS BEEN PREVIOUSLY PUBLISHED IN THE ANBI-POINTER

Harmonie St. Caecilia from Eijsden gives public concerts on the Vrijthof in Maastricht

Het “lijf” bij de lijfrente of periodieke schenking

(English translation follows after the Dutch text)

In de eerste uitgaaf van de ANBI-Wijzer heb ik geschreven over de problematiek van een schenking voor de aankoop van een viool. In dat stuk bracht ik een aantal problemen voor het voetlicht en de mogelijke oplossingen daarvan.

Eén van die punten betrof een periodieke schenking aan het Nationaal Muziek Instrumenten Fonds (NMF). Pijnpunt in de beschreven situatie is dat de schenker wel eens zou kunnen overlijden binnen de termijn van 5 jaar, waardoor de jaarlijkse schenkingen stoppen voordat het totaal voor de aankoop van de viool benodigde bedrag door het NMF zou zijn ontvangen.

Na publicatie ben ik er op gewezen dat er nog een andere oplossing is. In mijn column ben ik namelijk uitgegaan van een periodieke gift als bedoeld in artikel 6:34 Wet op de inkomstenbelasting (IB) welke zou vervallen bij overlijden van de schenker. Dat laatste hoeft echter niet het geval te zijn, omdat dit niet in dat artikel staat.

Volgens het wetsartikel zijn periodieke giften weliswaar “giften in de vorm van een vaste en gelijkmatige periodieke uitkeringen die eindigen uiterlijk bij overlijden, aan instellingen of verenigingen”. Maar nergens is vermeld dat het overlijden dat van de schenker moet betreffen.

Stel dat:
de schenker zich bij notariële akte vastlegt tot een periodieke gift van € 10.000,- per jaar
gedurende minimaal 5 jaar
en opneemt dat deze verplichting niet eindigt bij overlijden van de schenker,
maar pas bij het overlijden van alle kinderen van de schenker.

In dat geval is voldaan aan de eisen die artikel 6:34 IB stelt aan de periodieke gift. Dankzij artikel 6:32 IB zijn de jaarlijkse betalingen dan aftrekbaar van de inkomstenbelasting voor degene die de jaarlijkse betaling voldoet.

Het voordeel voor de ontvangende ANBI (of vereniging met meer dan 25 leden) is dat er zekerheid is dat de betalingen ook doorlopen na het overlijden van de schenker. Tenminste als er voldoende middelen in de nalatenschap van de schenker aanwezig zijn.

Een argument voor de schenker om in de schenkingsakte zijn of haar “lijf” niet, maar wel dat van de kinderen op te nemen, is gelegen in de aftrekbaarheid van de verplichting tot schenking. Deze plicht blijft namelijk ook na het overlijden van de oorspronkelijke schenker bestaan. Daardoor is dat een negatieve verplichting in de nalatenschap waardoor de grondslag voor de heffing van erfbelasting vermindert.

Maar het is ook een doorlopende verplichting die voldoet aan alle eisen van artikel 6:34, 6:33 en 6:32 IB. De kinderen erven als het ware de mogelijkheid tot aftrek van hun inkomstenbelasting van de periodieke gift van hun ouder(s).

Zie daarvoor onder andere enkele uitspraken van het Gerechtshof te Den-Haag.

======================================================
English translation provided by Google Translate:

In the first edition of the ANBI guide I’ve written about the problems of a grant for the purchase of a violin. In that piece, I spent a number of problems for the spotlight and the possible solutions.

One of those points was a regular donation to the National Music Instruments Fund (NMF). Pain Point in the situation described is that the donor may be coming to die within the term of five years, making annual donations stop before the total for the purchase of the violin amount required by the NMF would be received.

After publication, I pointed out that there is another solution. In my column, I assume because of a periodic donation referred to in Article 6:34 of the Act on Income Tax (IB) which would expire upon the death of the donor. The latter, however, need not to be the case, because it is not in that state article.

According to the article of law are regular donations although “gifts in the form of a fixed and equal periodic payments which end at the latest at death, to institutions or associations”. But nowhere is it stated that the death of the donor must relate.

Suppose that:
the butler by notarial deed establishes a periodic donation of € 10.000, – per year
for at least five years
record and that this obligation does not end with the death of the donor,
but only upon the death of all the children of the donor.

In this case met the requirements of article 6:34 IB proposes to the regular gift. Thanks to article 6:32 IB are the annual payments than deductible from income for those who meet the annual payment.

The benefit to the recipient ANBI (or association with more than 25 members) is that there is certainty that the payments will continue after the death of the donor. At least if there are sufficient funds in the estate of the donor present.

One argument for the donor to the deed of gift of his or her “body” is not, but that of the children to take, is located in the deductibility of the obligation to donation. This obligation remains in practice even after the death of the original donor exist. Therefore, a negative obligation in the estate which the basis for levying inheritance tax decreases.

But it is also an ongoing commitment that meets all the requirements of Article 6:34, 6:33 and 6:32 IB. The children inherit as if the possibility to deduct from their income the periodic gift of their parent (s).

See under some other judgments of the Court in The Hague.

Samenwonen en huis kopen ? Voorkom verrassingen en leg je afspraken vast !


English translation follows after the Dutch text

 

 

Beste lezer,

Vaak vergeten stellen die samenwonen om hun (financiële) afspraken op papier vast te leggen. Dat kan hele vervelende en vooral kostbare gevolgen hebben.

Zo ook in de zaak die nu nog steeds niet definitief beslecht is door de Hoge Raad, terwijl de zaak al sinds 2005 speelt. In 1996 gaat het stel dat nu voor de rechter hun ruzie uitvecht samenwonen en kopen ze samen een woning aan. Deze komt op beider naam te staan en ook de hypotheekschuld gaan ze samen aan. Er wordt ook nog een levensverzekering afgesloten.

In 2005 gaan ze uit elkaar en wordt er geruzied over de vraag of de vrouw aan de man nog een (fors) bedrag moet betalen vanwege het feit dat zij al enkele jaren niet de helft van de hypotheekrente en de verzekeringspremie had betaald. Als reden daarvoor gaf zij aan dat zij minder was gaan werken om de kinderen van haar en de ex-partner op te kunnen voeden.

Omdat zij nooit iets op papier hadden gezet over hun afspraken, claimde de man in 2005 dat hij meer had betaald dan zijn (halve) deel. Hij eiste van de vrouw geld om hem te compenseren.

De Rechtbank en later het Gerechthof gaven de man gelijk en veroordeelden de vrouw tot betaling. Omdat de vrouw het niet met deze beide uitspraken eens was, heeft zij cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. Deze rechterlijke instantie vond dat het hof kort door de bocht was gegaan doordat er te weinig acht was geslagen op de stelling van de vrouw dat na de geboorte van de kinderen zij en de man onderling nieuwe afspraken hadden gemaakt over de verdeling van de genoemde kosten. Deze nieuwe afspraken zouden dan blijken uit het gedrag van het koppel sinds de bevalling.

De Hoge Raad heeft nu de zaak verwezen naar een ander Gerechtshof. Dat mag de feiten van de zaak gaan beoordelen en dan oordelen of de man nog geld van de vrouw krijgt omdat hij meer dan zijn deel heeft betaald aan de hypotheekrente en de verzekeringspremie.

Als dit stel hun afspraken bij de notaris op papier had vastgelegd in een samenlevingscontract, dan hadden ze niet al 7 jaar hoeven te procederen tegen elkaar. Dat had hen een hoop kosten gescheeld en dan hadden ze dit hoofdstuk van hun leven kunnen afsluiten en door kunnen gaan met hun eigen leven.

Met vriendelijke groet,

Mr Ernst Loendersloot
kandidaat notaris te Maastricht

Wilt u meer weten, kijk dan op www.ntrs.nl of bel 043-3509950.

====================================================
English translation provided by Google Translate:

Dear reader,

Often forgotten couples who live together for their (financial) commitments on paper to capture. That may very annoying especially costly consequences.

Similarly in the case which is still not definitively settled by the Supreme Court, while the case since 2005 plays. In 1996, the couple now before the court their feud fight it together and buy a house together on. This comes in both names to stand and also the mortgage they go together. There is also a life insurance policy.

In 2005 they separated and is wrangling over whether the woman to the man a (substantial) amount to pay for the fact that they have several years not half the mortgage and insurance paid. If reason she admitted that she was less work for the children and her ex-partner to feed.

Because they never put in writing about their arrangements, the man claimed in 2005 that he had paid more than his (half) part. He demanded of the woman money to compensate him.

The Court and later the Court of Appeal gave the man equal and sentenced the woman to pay. Because the wife does not agree with these two statements, it cassation to the Supreme Court. That court found that the court bluntly had gone because too little attention had been beaten on the assertion of women after the birth of their children and each new man had agreed on the distribution of such costs. These new arrangements would appear from the behavior of the couple since birth.

The Supreme Court has now referred the case to another court. That should the facts of the case will assess and decide whether the man some money from the woman because he gets more than his share paid on the mortgage and insurance.

If this set their appointments with the notary had written down in a cohabitation contract, they would not have seven years to litigate against each other. That had cost them a lot and then they gescheeld this chapter of their lives close and can continue with their own lives.

Sincerely,

Mr. Ernst Loendersloot
candidate notary in Maastricht

To learn more, please visit www.ntrs.nl or call 043-3509950.

Dorps- en buurthuizen kunnen nu ook ANBI’s zijn.

 

Nieuwe inkomstenbron mogelijk.

 

Op 22 juni 2012 heeft de Hoge Raad een interessante uitspraak gedaan voor dorps- en buurthuizen. Door die uitspraak kunnen zij een belangrijke nieuwe inkomstenbron aanboren, namelijk de periodieke schenking waarbij de schenker een belastingvoordeel heeft.

In het arrest van de Hoge Raad ging het om de Stichting Wijkcentrum die volgens de statuten tot doel had:

  • de bevordering van het welzijn en de behartiging van de belangen van de bewoners van de wijk, meer speciaal van degenen onder hen die tot de zogenoemde kansarmen zijn te rekenen;
  • het op peil houden dan wel verbeteren van de leefbaarheid van de wijk en het bevorderen van goede onderlinge contacten tussen de wijkbewoners;
  • het ontwikkelen en in stand houden van activiteiten van sociaal/maatschappelijke aard, op cultureel en vormend gebied en in creatieve en ontspannende zin;
  • het activeren van de wijkbewoners tot deelname aan deze activiteiten;
  • het motiveren en activeren van wijkbewoners tot het mede-organiseren en medebegeleiden van bedoelde activiteiten en het begeleiden van medewijkbewoners;
  • het onderhouden casu quo bevorderen van goede contacten met alle instellingen en activiteitengroepen die in de wijk actief zijn op een of meer terreinen bedoeld in de doelstelling van belanghebbende.

Daar is natuurlijk geld voor nodig en dat verkreeg de stichting onder meer door het onderverhuren (voor een niet-commerciële huur) van het wijkgebouw. De eigenaar daarvan was de gemeente en de stichting huurde dit gebouw.

Maar de stichting deed wel meer dan alleen het (onder-)verhuren van de ruimten. In de uitspraak wordt bijvoorbeeld vermeld dat er ook computer-cursussen worden gegeven en schaakles. Voor de volledige lijst verwijs ik naar de uitspraak.

De Stichting Wijkcentrum had bij de Belastingdienst de zogeheten ANBI status aangevraagd, maar de inspecteur had die afgewezen. Reden daarvoor was het feit dat de onderverhuur van de ruimten een indicatie was dat er geen algemeen belang werd gediend.

Bij de rechtbank in Breda en later bij het Gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch werd de inspecteur echter in het ongelijk gesteld. De stichting kreeg van beide rechterlijke instanties toch de ANBI-status.

Nu heeft dus in hoogste instantie de Hoge Raad het oordeel van de rechtbank en het Hof bevestigd. Het enkele feit dat ruimte wordt door-verhuurd is volgens de Hoge Raad geen reden om aan te nemen dat een buurthuis niet het algemeen belang dient.

Voor deze Stichting Wijkcentrum natuurlijk een prettige uitkomst, maar die is voor ieder buurt- of wijkcentrum van belang. Met het arrest in de hand kan iedere stichting die een buurt- of dorpshuis exploiteert een aanvraag doen voor de ANBI status. Zodra die toegekend is door de Belastingdienst, kan begonnen worden met een fondsen-wervingscampagne.

Particuliere buurt-bewoners kunnen zich namelijk vastleggen (bij notariële akte) om minimaal 5 jaar lang een vast bedrag schenken aan de exploiterende stichting. Dat is dan een periodieke gift die afgetrokken kan worden van de inkomstenbelasting. 

Simpel gesteld: als de schenker 52% inkomstenbelasting betaalt, dan “kost” de periodieke schenking van € 100,- deze buurtbewoner ieder jaar € 48,-.

Ik denk dat veel dorp- en buurthuizen zich dit niet realiseren en raad hen dus aan om de uitspraak en hun statuten goed te lezen en dan een bezoek te brengen aan de notaris om afspraken te maken over de kosten van de door de notaris op te maken schenkingsakten.

Laat de stagiair niet de koper ingebreke stellen!

Laat de stagiair niet de koper ingebreke stellen!

In jouw koopcontracten neem je vast wel op dat de koper een waarborgsom moet storten of een bankgarantie moet laten afgeven. In Zuid-Limburg is dat (nog) niet standaard praktijk, maar naar ik hoor in de Randstad wel. Kwestie van vertrouwen, zullen we maar zeggen.

Maar wat doe je als de koper deze afspraak niet nakomt ? Laat je dan de stagiair of jongste bediende de verkoper ingebreke stellen of doe je het zelf ?

Zo begint mijn column op www.descherpepen.nl.
Wil je de rest lezen, klik dan hier.
 

Ernst Loendersloot - senior kandidaat notaris te Maastricht

Ernst Loendersloot – senior kandidaat notaris te Maastricht

Oma is dement en haar dochter en kleindochter maken ruzie over het geld

 

English translation follows after the Dutch text.

Oma is dement en haar dochter en kleindochter maken ruzie over het geld

Dat is eigenlijk waar het om gaat in de zaak die op 18 juli 2012 is afgehandeld door het Gerechtshof in Den-Haag

Er zit een aardig juridisch lesje in deze familie saga en dat wil ik u niet onthouden.

DE SITUATIE:
Oma had in 2005 en later nog eens in 2010 een algehele volmacht gegeven aan haar kleindochter. Deze mocht op basis daarvan alle zaken regelen voor haar oma. Dus geld opnemen, betalingen verrichten, belastingaangiften doen, huis (ver)kopen. Gekscherend kun je zeggen dat het enige dat de kleindochter niet kon doen op grond van die volmachten was: oma uithuwelijken of een testament tekenen namens oma.

Kennelijk gaat de geestelijke gezondheid van oma achteruit, want in 2011 vraagt haar dochter (die ook de moeder is van de kleindochter) bij de rechter een onderbewindstelling aan. Bij toewijzing zou de bewindvoerder alle zaken rondom het vermogen van oma moeten regelen. De dochter had in hetzelfde verzoek aan de rechter ook opgenomen dat zij tot bewindvoerder moest worden benoemd.

De rechter wees het verzoek toe, de dochter werd bewindvoerder en de kleindochter was het daar niet mee eens.

LES 1:
De kleindochter ging in beroep bij het Gerechtshof in Den-Haag tegen het besluit van de rechtbank. Eén van haar argumenten was gebaseerd op artikel 435 lid 3 van Boek 1 van het Burgerlijk wetboek.

Daarin staat dat de rechter de uitdrukkelijke wens moet volgen van degene die het lijdend voorwerp is als het gaat om de persoon die tot bewindvoerder wordt benoemd.

De kleindochter stelde dat het duidelijk niet de bedoeling van oma was geweest dat haar dochter de bewindvoerder zou worden. Oma zou namelijk hebben gewild dat de kleindochter benoemd zou worden. Dit werd onderbouwd met het feit dat oma zowel in 2005 als in 2010 de kleindochter de hiervoor vermelde, zeer uitgebreide volmacht had gegeven en niet haar dochter.

Het Gerechtshof in Den-Haag ging mee in deze redenatie. Dus stond het 1-0 voor de kleindochter.

LES 2:
 Het Gerechtshof in Den-Haag oordeelt echter dat de kleindochter toch niet in plaats van haar moeder tot bewindvoerder kan worden benoemd. Daar zijn drie argumenten voor.

Allereerst heeft de kleindochter geld van oma achtergehouden. Dit had zij eigenlijk aan de bewindvoerder (haar moeder) moeten afstaan, maar dat heeft zij geweigerd. (De achterliggende gedachte van de kleindochter: dit geld is nodig om de begrafenis van oma te betalen).

Daarnaast blijven de dochter en de kleindochter ruziën over bepaalde betalingen. Over de noodzaak en wenselijkheid daarvan hebben zij vele maanden onenigheid gehad en ze zijn er in juli 2012 nog steeds niet uit.

Als laatste overweegt het Hof dat de verhouding tussen dochter en kleindochter blijvend verziekt lijkt te zijn.

Dit alles betekent dat de rechter dus geen vertrouwen er in heeft dat als de kleindochter tot bewindvoerder wordt benoemd, de financiën van oma goed geregeld zullen gaan worden in de toekomst. Het staat dan weer 1-1.

De rechters lossen dit op door een professioneel bewindvoerderskantoor te benoemen.

Ernst Loendersloot - senior kandidaat notaris te Maastricht

Ernst Loendersloot – senior kandidaat notaris te Maastricht

MIJN RAAD VOOR JOU

Als je een algehele volmacht bij de notaris gaat tekenen om iemand aan te stellen die in jouw plaats zaken kan regelen, denk dan goed na wie je uitkiest. Niet alleen moet deze persoon jouw belangen goed kunnen behartigen, maar de rechters volgen je in jouw keuze als er ooit een bewindvoerder aangesteld moet worden over je vermogen.

Als je weet of verwacht dat er later ruzie kan ontstaan binnen de familie als er een verzoek tot onderbewind stelling wordt gedaan, leg dan nu vast wie je op dat moment wilt laten benoemen in deze functie. Dat kan altijd bij de notaris en daarvoor hoef je niet zo’n algehele volmacht op te maken.

In het meest eenvoudige geval, schrijf je zelf op een A4-tje wie jouw keuze is en ga je dan naar je notaris. In het bijzijn van je notaris onderteken je dan dit papier en de notaris plaatst daar zijn ambtsstempel en handtekening onder en vermeldt de datum (formeel is dat: legalisatie van uw handtekening).

Dan is voor iedereen duidelijk dat het echt jouw keuze is. Maar misschien is het dan wel goed om ieder jaar even naar de notaris terug te gaan met dat document en telkens opnieuw je keuze te bevestigen. Iedere keer al jaar opnieuw de notaris jouw handtekening legaliseren.

=======================================================
Translation provided by Google Translate. I can do better but lack the time.

Grandma’s dementia and her daughter and granddaughter quarrel about money

That is really what matters in the case on 18 July 2012 is handled by the Court of Justice in The Hague

There is a nice legal lesson in this family saga and that I can not remember.

THE SITUATION:
Grandma had in 2005 and later in 2010 a general power of attorney given to her granddaughter. This was on the basis of all business before her grandmother. So withdrawals, payments, declarations, house (re) sell. Jokingly you can say that the only thing the granddaughter could not do under those proxies was: grandma marry or will sign on behalf granny.

Apparently, the mental health of grandmothers back, because in 2011, asks her daughter (who is also the mother of the granddaughter) at the court administration order on. When allocating the administrator would all issues surrounding the ability to arrange grandmother. The daughter had the same request to the court also recognized that they had to be appointed as administrator.

The court dismissed the request to the daughter and granddaughter was trustee was disagreed.

LESSON 1:
The granddaughter appealed to the Court of Justice in The Hague against the decision of the court. One of her arguments was based on Article 435 paragraph 3 of Book 1 of the Civil Code.

It says that the court should follow the express wish of the person who is the object when it comes to the person who is appointed as administrator.

The granddaughter said that it is clearly not the intention of grandmother that her daughter had been the trustee would be. Grandma would have liked that because the granddaughter would be appointed. This was substantiated by the fact that grandma in both 2005 and in 2010, the granddaughter of the aforementioned, extensive attorney had given and not her daughter.

The Court in The Hague went along in this reasoning. So it was 1-0 for the granddaughter.

LESSON 2:
The Court finds, however, that the granddaughter was not in place of her mother as administrator may be appointed. There are three arguments.

First, the granddaughter grandma money withheld. This she had actually to the administrator (her mother) to cede, but she refused. (The idea of the granddaughter: this money is needed to grandma’s funeral to pay).

Also continue the daughter and granddaughter argue about certain payments. About the need and desirability of many months, they quarrel and they are there in July 2012 is still not out.

Finally, the Court held that the relationship between daughter and granddaughter seems to be permanently ruined.

All this means that the court has no confidence in that as the granddaughter of trustee is appointed, the finances of grandma well organized will go in the future. It is then 1-1.

The judges resolve this in a professional office administrator to be appointed.

MY ADVICE FOR YOU
If you have a general power of attorney with the notary will draw someone who would be in your place can arrange business, think carefully who you choose. Not only should this person can represent your interests well, but the judges will follow you in your choice if there ever was a trustee should be appointed over your assets.

If you know or expect that later quarrel may arise within the family as a request for administration order is made, place now determine who you want to appoint at that time in this function. This can always be at the notary and therefore you do not have a general power of attorney to make.

In the simplest case, you write yourself an A4 Who is your choice and then go to your notary. In the presence of your notary sign you this paper and the notary places where his office stamp and signature and shall indicate the date (formally that: legalization of your signature).

Then it is clear to everyone that it really is your choice. But maybe is it good every year to go to the notary to go back to that document and over again to confirm your choice. Every time all year the notary legalize your signature.

Erfenis en schulden III

De Telegraaf

Van de OverGeld-redactie heb ik begrepen dat mijn vorige twee columns over het zuiver aanvaarden van een erfenis veelvuldig zijn gelezen. Kennelijk houdt het de gemoederen flink bezig. Maar dat is ook begrijpelijk als u bedenkt dat u door één onschuldige handeling een erfenis al zuiver heeft aanvaard en ook met uw eigen spaargeld aansprakelijk bent als u meer schulden erft dan bezit.

Zo begint mijn column voor De Telegraaf. Wilt u deze helemaal lezen, klik dan hier.

Ondertussen het rapport aangeboden waarnaar ik in die column verwijs. Een korte inhoudsopgaaf van dat rapport kunt u hier nalezen.

Ernst Loendersloot - senior kandidaat notaris te Maastricht

Ernst Loendersloot – senior kandidaat notaris te Maastricht

IK WIL HET BESTE VOOR MIJN (GEHANDICAPTE) KIND

    English translation follows after the Dutch text.

 

 

 

 

 

Je wilt altijd het beste voor je kind en graag zou je het zo lang mogelijk willen beschermen. Als je een kind hebt met een geestelijke beperking dan is dat misschien zelfs nog wel een belangrijkere wens. 

TESTAMENTAIR BEWIND
Meestal zie ik dat ouders van een kind met een geestelijke handicap in een testament vastleggen dat iemand anders het geld van het kind gaat beheren. Dat doen ze door in zo’n testament vast te leggen dat de erfenis van dit kind onder bewind gesteld wordt en iemand anders tot bewindvoerder te benoemen.

Aandachtspunt daarbij is wel dat zo’n testamentair bewind alleen geldt voor de erfenis. En dus niet voor datgene wat een kind zelf verdient.

Maar belangrijker:
het geldt ook niet voor hetgeen het kind krijgt op grond van een overlijdensrisicoverzekering, afgesloten door de ouders op hun eigen leven !

 

 

 

 
VERZEKERINGSPOLIS MOET WEL GOED ZIJN OPGESTELD. ANDERS GAAT HET MIS BIJ GEHANDICAPTE KINDEREN EN BIJ ECHTSCHEIDINGEN.
Op 21 februari 2012 is er door het Gerechtshof in Amsterdam beslist over een klacht, ingediend tegen een kandidaat notaris. Aan die uitspraak moest ik denken toen ik dit artikel ging schrijven omdat door fouten (waar die kandidaat notaris niets aan kon doen) het geld uit de verzekeringspolis zonder beperkingen te besteden werd.

In die zaak waren een man en een vrouw gescheiden. Ze hadden minderjarige kinderen en de man wilde niet dat als hij zou overlijden zijn ex-echtgenote zijn erfenis ging beheren voor de kinderen (het is hier niet van belang of die geestelijke beperkingen hadden of niet).

Dus de man liet een testament opstellen en daarin werd opgenomen een bewind over al hetgeen de kinderen van hem zouden erven. Zijn zuster werd bewindvoerder.
(zie ook mijn columns over het zogeheten echtscheidingstestament en het ouderlijk vruchtgenot)

Toen hij twee maanden later overleed, bleek dat een verzekeringsmaatschappij een fors bedrag uitbetaalde omdat hij een overlijdensrisicoverzekering had lopen. Alleen, het bewind uit het testament gold niet voor deze uitkering omdat het “buiten de erfenis om liep”.

Dus de ex-echtgenote mocht ineens als moeder van de minderjarige kinderen dat geld gaan beheren en dat was zeker niet de bedoeling van de overledene.

Ernst Loendersloot - senior kandidaat notaris te Maastricht. Foto: Bert Beelen

Ernst Loendersloot - senior kandidaat notaris te Maastricht. Foto: Bert Beelen


OPLOSSING
Er was een oplossing en de kandidaat notaris had die ook aangedragen. Maar kennelijk had de tussenpersoon niet de goede stappen gezet vóór het overlijden. Graag wil ik je die oplossing hier geven omdat jij er misschien iets aan hebt.

Als op de verzekeringspolis aangetekend staat dat de uitkering onder bewind is gesteld, dan gaat het goed. Ik zou dan wel verwijzen naar de spelregels inzake het bewind zoals die in het testament zijn opgenomen. Dan loopt het allemaal parallel.

Maar jij zult als ouder dus wel moeten zorgen dat de verzekeraar deze aantekening plaatst op de polis !

En dan niet alleen als je een gehandicapt kind hebt of als je gescheiden bent en niet wilt dat je ex-echtgenoot het geld gaat beheren.

Maar eigenlijk altijd als je kinderen hebt.

Want als jij en je echtgenoot niet gescheiden zijn, maar tegelijkertijd komen te overlijden, dan kunnen de kinderen zodra ze ouder zijn dan 18 jaar de uitkering gewoon verkwisten zonder dat er een bewindvoerder iets aan kan doen. Die beheert namelijk alleen de erfenis.

=======================================================
English translation provided by Google Translate. I can do better but lack the time.

I WANT THE BEST FOR MY DISABLED CHILD

You always want the best for your child and would like to make it as long as possible to protect. If you have a child with a mental disability that is perhaps even a greater desire.

Testamentary RULE
Usually I see that parents of a child with a mental disability in a will capture someone else’s money the child will manage. They do this through in such a testament to capture the legacy of this child is placed under administration and to appoint someone else as administrator.

Concern here is that such a rule applies only to testamentary inheritance. And not for what a child deserves.
But more importantly, it is also not what the child is under a life insurance policy, taken out by the parents on their own lives!

INSURANCE POLICY MUST DO WELL PREPARED. ELSE IS THE DISABLED CHILDREN AND TO MIS IN DIVORCES.
On 21 February 2012 there by the Amsterdam Court decides on complaints filed against a candidate notary. At that statement I had thought when I started writing this article because of errors (where candidate notary could not help it) the money from the insurance policy without restrictions spending was.

In that case involved a man and a woman divorced. They had minor children and the husband did not think he would die if his ex-wife, his legacy was managing for the kids (it’s not important or mental limitations or did not).

So the husband left a will and it was recorded a reign of all that the children would inherit from him. His sister was administrator.
(See my column about the so-called parental divorce and wills usufruct)

When he died two months later, showed that an insurance company paid a hefty sum because he had a life insurance run. Only, the reign of the will did not apply to this benefit because it “ran out to the inheritance.”

So the ex-wife was suddenly as the mother of the minor children to manage money and that was certainly not the intention of the deceased.

SOLUTION
There was a solution and the candidate notary had also put forward. But apparently, the intermediary does not put the proper steps before death. I would like to give you that solution here because you might have something.

If the insurance is noted that the benefit under administration set, then it goes well. I would have to refer to the rules relating to the regime as in the will are included. Then it all goes parallel.

But as a parent you will therefore have to ensure that the insurer puts this note on the policy!

And not just if you have a disabled child or if you are separated and do not want your ex-spouse will manage the money. But almost always when you have kids. Because if you and your spouse are not separated, but also to die, then the children when they are older than 18 years pay just squander without an administrator can do something about. Namely that manages only the inheritance.

Erfenis en schulden II

De Telegraaf

Vorige week heb ik geschreven over het risico van het ‘zuiver aanvaarden’ van een erfenis. Daar heb ik toen ook aangegeven dat u moet opletten wat u doet. Want u kunt zuiver aanvaarden door bepaalde dingen te doen. Maar helaas is er geen lijst met verboden handelingen.

Zo begint mijn column voor De Telegraaf. Wilt u de hele column lezen, klik dan hier.

Ernst Loendersloot, senior kandidaat notaris te Maastricht

Ernst Loendersloot, senior kandidaat notaris te Maastricht